Prinsjesdag 2026 – wat betekenen de plannen voor jouw salon in 2027?
woensdag 16 september 2026
Op Prinsjesdag presenteerde het kabinet de plannen voor 2027. Wat betekenen alle aangekondigde maatregelen nu eigenlijk voor jou als schoonheidsspecialist of saloneigenaar? ANBOS zet de belangrijkste ontwikkelingen voor 2027 voor de schoonheidsbranche op een rij.
We leggen daarbij niet alleen uit wát er verandert, maar vooral wat je daar in de praktijk van kunt merken. We nemen hierbij ook de plannen mee die al eerder wettelijk zijn vastgesteld. De nieuwe plannen die op Prinsjesdag zijn aangekondigd, zijn nog niet definitief. De voorstellen moeten nog door de Tweede en Eerste Kamer worden behandeld.
In één oogopslag
Dit zijn voor schoonheidsspecialisten en saloneigenaren de belangrijkste ontwikkelingen:
- De zelfstandigenaftrek daalt in 2027 verder
- Het kabinet wil de startersaftrek vanaf 2027 afschaffen
- De belastingvrije kilometervergoeding is verhoogd naar €0,25 per kilometer
- Voor werkgevers verandert de fiscale behandeling van personeelskorting
- De vrije ruimte binnen de werkkostenregeling (WKR) wordt iets groter
- Investeren in bepaalde energiebesparende maatregelen wordt fiscaal aantrekkelijker
- Tegelijkertijd wordt een andere investeringsaftrek voor ondernemers versoberd
- Regeldruk, werkgeverslasten en ziekte en arbeidsongeschiktheid blijven belangrijke knelpunten voor het mkb.
Daarnaast blijven ontwikkelingen rond zzp en schijnzelfstandigheid en de toekomstige verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen belangrijk.
1. Zelfstandigenaftrek daalt naar € 900
Ben je ondernemer voor de inkomstenbelasting en voldoe je aan het urencriterium? Dan kun je onder voorwaarden gebruikmaken van de zelfstandigenaftrek.
Dit is een bedrag dat je van je winst mag aftrekken voordat de inkomstenbelasting wordt berekend. Hoe hoger de aftrek, hoe lager het deel van je winst waarover je belasting betaalt. De zelfstandigenaftrek bedraagt in 2026 € 1.200 en daalt in 2027 naar € 900. Deze verlaging is geen nieuwe Prinsjesdagmaatregel, maar onderdeel van een afbouw die al eerder wettelijk is vastgelegd.
Wat betekent dit in de praktijk?
Stel dat je als zelfstandig schoonheidsspecialist € 40.000 winst maakt en aan de voorwaarden voldoet. In 2026 mag je € 1.200 zelfstandigenaftrek toepassen. In 2027 is dat nog € 900. Je betaalt daardoor niet automatisch € 300 méér belasting. Wel wordt € 300 meer van je winst belast.
De zelfstandigenaftrek bedroeg in 2022 nog € 6.310. De verdere daling naar € 900 laat dus vooral zien dat het fiscale voordeel voor zelfstandig ondernemerschap de afgelopen jaren sterk is afgebouwd.
Voor wie relevant: zelfstandig schoonheidsspecialisten die ondernemer zijn voor de inkomstenbelasting en aan de voorwaarden voldoen.
Status: staat al vast.
2. Kabinet wil startersaftrek vanaf 2027 afschaffen
Voor startende ondernemers is er nu nog een aanvullend belastingvoordeel: de startersaftrek.
Als je aan de voorwaarden voldoet, mag je als starter bovenop de zelfstandigenaftrek momenteel € 2.123 extra van je winst aftrekken.
Het kabinet wil deze startersaftrek vanaf 2027 volledig afschaffen.
Wat betekent dit bijvoorbeeld?
Stel dat je na je opleiding een eigen salon begint en voldoet aan de voorwaarden voor de zelfstandigenaftrek en startersaftrek. Onder de huidige regels kun je in de eerste jaren van je onderneming een extra aftrek toepassen. Als het voorstel doorgaat, is dat aanvullende fiscale voordeel er vanaf 2027 niet meer.
Voor iemand die een eigen salon wil starten, wordt het fiscale voordeel van ondernemerschap daarmee kleiner.
Voor wie relevant: vooral nieuwe schoonheidsspecialisten die een eigen onderneming beginnen.
Status: kabinetsplan, nog niet definitief.
3. Zakelijke kilometers: vergoeding verhoogd naar € 0,25
De maximale belastingvrije kilometervergoeding is met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026 verhoogd van € 0,23 naar € 0,25 per kilometer. Dat is relevant voor zowel zelfstandig ondernemers als werkgevers. Gebruik je als ondernemer je privéauto voor zakelijke ritten, bijvoorbeeld naar een training, leverancier of zakelijke afspraak? Dan kun je de zakelijke kilometers onder voorwaarden fiscaal verwerken.
Heb je personeel? Dan kun je werknemers tot het fiscale maximum een belastingvrije kilometervergoeding geven voor bijvoorbeeld zakelijke ritten en woon-werkverkeer.
Voorbeeld
Een medewerker rijdt met haar eigen auto 100 kilometer voor een vaktraining. Daarvoor kan maximaal € 25 belastingvrij worden vergoed.
Let op: € 0,25 is het fiscale maximum. Dat betekent niet automatisch dat een werkgever verplicht is dit bedrag te vergoeden.
Voor wie relevant: zowel zelfstandige schoonheidsspecialisten als salons met personeel.
Status: geldt al vanaf 1 januari 2026.
4. Geef je personeel korting op producten? Dan verandert er iets
Veel salons verkopen huidverzorgingsproducten en geven medewerkers korting op deze producten. Juist daarom is een verandering binnen de werkkostenregeling (WKR) voor onze branche relevant. Op dit moment bestaat een aparte belastingvrijstelling voor korting op producten uit het eigen bedrijf. Een werkgever kan daarmee onder voorwaarden maximaal 20% korting geven, tot maximaal € 500 per werknemer per jaar. Het kabinet wil deze aparte vrijstelling per 1 januari 2027 afschaffen.
Dat betekent niet dat personeelskorting verdwijnt. Je kunt de korting nog steeds belastingvrij geven, maar deze moet dan worden ondergebracht in de vrije ruimte van de WKR.
Wat is de WKR?
Via de werkkostenregeling kunnen werkgevers bepaalde vergoedingen en voordelen belastingvrij aan medewerkers geven. Een deel daarvan valt in de zogenoemde vrije ruimte. Denk bijvoorbeeld aan een kerstpakket, cadeaubon of andere personeelsvoordelen.
In 2026 bedraagt de vrije ruimte 2% over de eerste € 400.000 van de totale fiscale loonsom. Vanaf 2027 wordt dit 2,16%. Voor het deel van de loonsom boven €400.000 geldt 1,18%. Voor de meeste kleine salons zal vooral die 2,16% relevant zijn.
Voorbeeld
Heeft jouw salon een totale fiscale loonsom van € 100.000? Dan bedraagt de vrije ruimte in 2027 € 2.160.
Geef je medewerkers samen bijvoorbeeld € 600 personeelskorting op producten en breng je die onder in de vrije ruimte? Dan resteert in dit eenvoudige voorbeeld € 1.560 voor andere vergoedingen en voordelen die eveneens uit de vrije ruimte komen.
Niet iedere belastingvrije vergoeding gaat overigens van deze ruimte af. Voor sommige zaken bestaan aparte, zogenoemde gerichte vrijstellingen.
Overschrijd je met de vergoedingen en voordelen die wél binnen de vrije ruimte vallen het beschikbare bedrag? Dan betaalt de werkgever over het meerdere een eindheffing van 80%.
Voor wie relevant: salons met personeel die medewerkers korting geven op producten.
Status: de stijging van de vrije ruimte naar 2,16% was al vastgelegd. Het afschaffen van de aparte vrijstelling voor personeelskorting is een maatregel voor 2027.
5. Investeren: voordeel voor energiebesparing, maar ook een versobering
Voor ondernemers die willen investeren, zijn er twee ontwikkelingen die tegenover elkaar staan.
Energie-investeringsaftrek wordt aantrekkelijker
De Energie-investeringsaftrek (EIA) is een belastingregeling voor ondernemers die investeren in bepaalde energiebesparende of duurzame bedrijfsmiddelen. Als een investering aan de voorwaarden voldoet, mag je een percentage van het investeringsbedrag extra van je fiscale winst aftrekken. Vanaf 1 januari 2027 stijgt dat percentage van 40% naar 45,5%. Denk je bijvoorbeeld aan verduurzaming van je salon of een energiezuinige installatie? Dan is het verstandig vooraf te controleren of de investering op de Energielijst staat. Niet iedere airco, warmtepomp of ander apparaat komt automatisch voor EIA in aanmerking.
KIA wordt juist versoberd
Daar staat tegenover dat het kabinet de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA) wil versoberen door het maximale investeringsbedrag te verlagen.
De KIA is een fiscale aftrek voor ondernemers die investeren in bedrijfsmiddelen. Voor een salon kan dat bijvoorbeeld relevant zijn bij investeringen in apparatuur of een verbouwing waarbij nieuwe bedrijfsmiddelen worden aangeschaft. Plan je grotere investeringen? Dan kan het verstandig zijn vooraf met je boekhouder of accountant te bekijken welke investeringsregelingen van toepassing zijn en of het moment van investeren verschil maakt.
Voor wie relevant: zelfstandige schoonheidsspecialisten en salonondernemers die investeren in hun bedrijf.
Status: onderdeel van de plannen voor 2027.
6. Bijna de helft van de ondernemers verwacht investeringen uit te stellen
Naast de concrete belastingmaatregelen is er een bredere ontwikkeling die ANBOS belangrijk vindt.
Uit de PrinsjesdagPeiling 2026 van VNO-NCW en MKB-Nederland onder bijna 3.500 ondernemers blijkt dat bijna de helft verwacht het komende jaar investeringen in het eigen bedrijf uit te stellen. Onzekerheid over het overheidsbeleid speelt daarbij een belangrijke rol. Ondernemers geven aan onvoldoende te weten welke regels, lasten en voorwaarden de komende jaren zullen gelden. Regeldruk staat bovenaan de lijst met onderwerpen die ondernemers door het kabinet aangepakt willen zien. Daarna volgen lagere werkgeverslasten en een beter werkend stelsel rond ziekte en arbeidsongeschiktheid. Voor kleine werkgevers kunnen dergelijke verplichtingen relatief zwaar wegen.
Een voorbeeld uit onze branche
Een salon met drie medewerkers waarbij één medewerker langdurig uitvalt, verliest direct een aanzienlijk deel van de personeelscapaciteit. Tegelijkertijd krijgt de werkgever te maken met loondoorbetaling en re-integratieverplichtingen. De impact daarvan is voor een ondernemer met drie medewerkers wezenlijk anders dan voor een organisatie met honderden werknemers.
ANBOS vindt het daarom belangrijk dat bij nieuwe wet- en regelgeving nadrukkelijk rekening wordt gehouden met de uitvoerbaarheid en betaalbaarheid voor kleine ondernemers. ANBOS is deze week in gesprek met MKB-Nederland. Daarbij brengen we ook de belangen en knelpunten van ondernemers in de schoonheidsbranche onder de aandacht. Regeldruk, werkgeverslasten, ziekte en arbeidsongeschiktheid en voldoende ruimte om te investeren zijn daarbij voor ons belangrijke onderwerpen.
7. ZZP en schijnzelfstandigheid blijven belangrijk
De discussie over zzp en schijnzelfstandigheid is geen nieuwe maatregel uit het Belastingplan 2027, maar blijft voor onze branche wel belangrijk.
Of iemand werkelijk als zelfstandig ondernemer werkt, wordt niet alleen bepaald door een overeenkomst of een KvK-inschrijving. Ook de manier waarop in de praktijk wordt gewerkt speelt een rol.
Voorbeeld
Werkt een schoonheidsspecialist als zzp'er binnen een salon, maar bepaalt de saloneigenaar structureel haar werktijden, tarieven en manier van werken en functioneert zij feitelijk hetzelfde als medewerkers in loondienst? Dan kan de vraag ontstaan of daadwerkelijk sprake is van zelfstandig ondernemerschap.
Werk je met zelfstandigen binnen je salon? Zorg dan dat niet alleen de overeenkomst, maar ook de dagelijkse praktijk past bij zelfstandig ondernemerschap.
ANBOS blijft de ontwikkelingen rond zzp-wetgeving en handhaving volgen.
Voor wie relevant: zowel zelfstandige schoonheidsspecialisten die voor andere salons werken als saloneigenaren die zzp’ers inhuren.
Status: lopend dossier, geen nieuwe Prinsjesdagmaatregel.
8. Verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering blijft in ontwikkeling
Ook de toekomstige Basisverzekering Arbeidsongeschiktheid Zelfstandigen (BAZ) is geen nieuwe Prinsjesdagmaatregel, maar wel een belangrijke ontwikkeling voor de vele zelfstandigen in onze branche.
Volgens het huidige wetsvoorstel betalen zelfstandig ondernemers die onder de regeling vallen uiteindelijk verplicht premie voor deze basisverzekering. De voorgestelde premie bedraagt 5,4% van de winst, tot een voorlopig maximum van € 171 bruto per maand. Deze bedragen kunnen nog wijzigen. De voorgestelde verzekering kent een wachttijd van twee jaar.
Heb je een broodfonds of neem je deel aan een andere schenkkring? Dan vervangt dat volgens het huidige voorstel de verplichte BAZ niet. Zo’n voorziening kan wel worden gebruikt om (een deel van) de eerste twee jaar te overbruggen voordat de BAZ gaat uitkeren. Let daarbij altijd goed op de voorwaarden. Dat een voorziening bijvoorbeeld geen traditionele medische keuring kent, betekent niet automatisch dat er geen toelatingsvoorwaarden, wachttijden of beperkingen kunnen gelden.
ANBOS volgt dit dossier en zal leden hierover afzonderlijk uitgebreider informeren.
Voor wie relevant: zelfstandig ondernemers.
Status: wetsvoorstel, nog niet definitief en invoering duurt naar verwachting nog enkele jaren.
9. En hoe zit het met de btw op behandelingen?
Prinsjesdag brengt geen algemene wijziging van het btw-tarief voor schoonheidsbehandelingen. Dat staat los van het traject dat ANBOS voert rond de medische btw-vrijstelling voor bepaalde behandelingen door schoonheidsspecialisten. Over ontwikkelingen binnen dat dossier blijven we onze leden afzonderlijk informeren.
Wat betekent Prinsjesdag voor ANBOS?
Voor ANBOS gaat Prinsjesdag niet alleen over individuele (belasting)maatregelen. De optelsom is minstens zo belangrijk.
Veel schoonheidsspecialisten zijn zelfstandig ondernemer. Anderen zijn werkgever, vaak met slechts enkele medewerkers. Juist voor deze relatief kleine ondernemingen hebben stijgende lasten, minder fiscale voordelen en steeds meer wet- en regelgeving direct invloed op de ruimte om te investeren, personeel aan te nemen en de onderneming verder te ontwikkelen. Tegelijkertijd zien we dat het kabinet investeren in verduurzaming stimuleert en dat er binnen het overheidsbeleid aandacht blijft voor preventie en gezondheid. Ook daar liggen kansen voor onze branche.
ANBOS blijft daarom niet alleen volgen wat nieuwe wetgeving voor leden betekent, maar brengt de positie van de professionele schoonheidsspecialist en de kleine salonondernemer ook actief onder de aandacht bij relevante partijen.
Ons gesprek met MKB-Nederland deze week gebruiken we onder andere om de knelpunten die ondernemers in onze branche ervaren te bespreken.
Wat staat vast en wat nog niet?
Niet alles wat op Prinsjesdag wordt aangekondigd, gaat automatisch op 1 januari 2027 in.
Staat al vast of geldt al
De verdere daling van de zelfstandigenaftrek naar € 900 in 2027, de verhoging van de kilometervergoeding naar € 0,25 en de verhoging van de vrije WKR-ruimte naar 2,16% in 2027.
Onderdeel van plannen/wetsvoorstellen
Onder andere de afschaffing van de startersaftrek en de wijziging van de personeelskorting.
Lopende dossiers buiten Prinsjesdag
De aanpak van schijnzelfstandigheid en de toekomstige BAZ.
ANBOS volgt de verdere behandeling van de plannen en informeert leden wanneer maatregelen die voor onze branche relevant zijn wijzigen of definitief worden.